De VTW Factsheet praat jou bij over alle voor de Vereniging van Toezichthouders in Woningcorporaties (VTW) relevante politieke ontwikkelingen en mediaberichten. Vanwege het herfstreces verschijnt deze nieuwsbrief volgende week in principe niet, tenzij er urgente ontwikkelingen te melden zijn. Met deze week onder andere:
Minister Boekholt-O'Sullivan is met gemeenten, provincies en corporaties tot een bestuurlijk akkoord gekomen over aanvullende vormen van huisvesting voor aandachtsgroepen als starters, spoedzoekers en statushouders. Het doel is om de huidige achterstand ten aanzien van vergunninghouders in anderhalf jaar weg te werken. Van de aanvullende huisvesting gaat 20 procent naar statushouders.
Qua type huisvesting wordt ingezet op flexwoningen, transformatiewoningen, woningdelen en overige onzelfstandige woonruimten. Het Rijk zal daarbij gerichte ondersteuning bieden "met financiële middelen, kennis en capaciteit", al worden er geen extra middelen vrijgemaakt. Gemeenten en corporaties moeten binnen een half jaar met een concreet plan komen. Het wetsvoorstel om de voorrang voor statushouders af te schaffen gaat na het herfstreces in consultatie.
Het Aanjaagteam Versnellingsaanpak Huisvesting Statushouders adviseert om te komen tot uitbreiding van het aantal sociale huurwoningen, om te voorkomen dat het huisvesten van statushouders ten koste gaat van andere woningzoekers. Daarbij is structurele financiering van belang. Minister Boekholt-O'Sullivan schrijft het advies te zullen meenemen bij de verdere uitwerking.
"De bevindingen en aanbevelingen uit de rapportage bieden waardevolle aanknopingspunten voor de uitvoering van het bestuurlijk akkoord, bijvoorbeeld de inzet van begeleiding vanaf de start van realisatie van aanvullende vormen van huisvesting door gerichte ondersteuning aan gemeenten en corporaties, inzet van financiële middelen en een gezamenlijke aanpak in de governance", schrijft de minister.
Tijdens de eerste ronde van het wetgevingsoverleg Belastingplan werd wederom duidelijk dat een akkoord hierover (inclusief de hervorming van box 3) nog ver weg is. Zo herhaalde PRO-Kamerlid Stultiens dat een route via zijn partij alleen mogelijk is via een forse verschuiving van de lasten op arbeid naar vermogen.
Verder zijn bij diverse partijen zorgen ontstaan over het voorbehoud dat het kabinet maakt rondom de earningsstrippingmaatregel die bij corporaties tot een forse lastenverlichting moet zorgen. De sector en politieke partijen toonden zich overvallen door de kabinetsaankondiging een week eerder dat ze het voorstel eerst willen sonderen bij de Europese Commissie om staatssteunproblemen te kunnen voorkomen. Als gevolg daarvan wordt voorgesteld om de invoering te regelen via een Koninklijk besluit, zodat de invoeringsdatum later kan worden geregeld.
Diverse Kamerleden wezen erop dat de beoogde invoer per 1 januari 2028 daarmee onzeker is en dat de nieuwe onzekerheid er alsnog voor zorgt dat corporaties geen plannen kunnen maken. D66-Kamerlid Oosterhuis: "Kan de staatssecretaris aangeven hoe en wanneer corporaties definitief duidelijkheid krijgen over de aangekondigde ATAD-vrijstelling? Welke zekerheid kan hij in de tussentijd bieden zodat bouwprojecten niet vertragen?"
Volgens ChristenUnie-Kamerlid Grinwis is de route via een Koninklijk besluit niet nodig en stelt daarom voor om deze uit de wet te halen, desnoods via een amendement. "Het herziene DAEB-vrijstellingsbesluit stelt staatssteun voor sociale huisvesting al vrij van voorafgaande aanmelding bij Brussel, mits aan de voorwaarden wordt voldaan", zo gaf hij aan. "Die voorwaarden heeft het kabinet zelf al in de maatregel verwerkt."
Ook CDA-Kamerlid Inge van Dijk vroeg zich af hoe het kan dat er nog altijd geen duidelijkheid is voor de staatssteunkaders, terwijl deze optie al een tijd op tafel ligt.
In de schriftelijke beantwoording geeft staatssecretaris Eerenberg aan dat hij "geen problemen" verwacht, maar stelt daarnaast dat het uiteindelijk aan de Europese Commissie is om te beoordelen of de maatregel past binnen het vrijstellingsbesluit. "Indien dit niet het geval, is sprake van onrechtmatige staatssteun. Gelet op de mogelijke financiële gevolgen van een latere terugvordering voor woningcorporaties acht het kabinet het derhalve van belang deze beoordeling vóór de inwerkingtreding ook met de diensten van de Commissie te bespreken", aldus Eerenberg.
Daarnaast had met name de VVD moeite met het onderscheid tussen DAEB en niet-DAEB in het voorstel en Kamerlid Van Eijk vreest dat daardoor geen sprake is van een gelijk speelveld. "Hoe zit het met het gelijkheidsbeginsel? Zou niet juist alle verhuur van sociale en straks middeldure huurwoningen onder de vrijstelling moeten vallen? [..] Kiest het kabinet er hiermee niet juist voor om staatssteun uitsluitend aan woningbouwcorporaties te laten toekomen en creëert het hiermee niet juist een ongelijk speelveld?", aldus Van Eijk.
Ook de ChristenUnie had hier zorgen over. "Het DAEB-vrijstellingsbesluit eist [..] gelijke toegang tot steun voor alle aanbieders van betaalbare huisvesting, ongeacht rechtsvorm. Kan deze afbakening dus zelf een nieuw staatsteunprobleem creëren in plaats van op te lossen?", aldus Grinwis. "De Europese Commissie pleit bovendien voor een brede ATAD-uitzondering voor sociale én betaalbare huisvesting. Is de staatssecretaris bereid te onderzoeken of deze vormgeving de onzekerheid juist vergroot?"
Eerenberg gaf in de beantwoording echter expliciet aan dat de vrijstelling uitsluitend geldt voor het DAEB-deel van de woningcorporaties. "Gelet op het doel van de maatregel en het samenstel van wettelijke taken, verplichtingen, toezicht en gebonden vermogen van woningcorporaties, en dat de voorgestelde uitzondering is beperkt tot alleen DAEB-activiteiten, acht het kabinet het onderscheid tussen woningcorporaties en private vastgoedpartijen gerechtvaardigd", zo valt te lezen.
Verder opperde Stultiens tijdens het debat nog om het lenen bij de eigen bv verder aan te pakken, ook ten behoeve van de eigen woning. Momenteel ligt al een voorstel op tafel om het lenen bij de eigen bv te beperken, maar de eigen woning is hierbij voorlopig uitgezonderd. Volgens PRO mag die uitzondering er uit.
Van Dijk wilde daarnaast ook een prognose van het kabinet hoeveel extra woningen kunnen worden gebouwd met de extra investeringsruimte. Volgens Eerenberg kan met de 14 miljard extra investeringsruimte circa 35 duizend nieuwe woningen worden gebouwd en circa 142 duizend woningen worden verduurzaamd.
Het kabinet is in het fiche kritisch op de Europese Affordable Housing Act. Zo wordt aangedrongen op voldoende beleidsruimte om invulling te geven aan lokale omstandigheden. "Het kabinet is kritisch over de mate waarin het voorgestelde kader van de Commissie op dit moment deze ruimte biedt", zo valt te lezen. "Hoewel de Commissie stelt dat het voorgestelde kader moet helpen bij het introduceren van regels, lijkt het voorstel in relatie tot de Nederlandse context juist een beperking in te houden van de op dit moment in Nederland geldende maatregelen." Positiever is het kabinet over de Aanbeveling Betaalbaar Wonen.
Minister Boekholt-O'Sullivan kwam afgelopen week in conflict met de Kamer over haar uitspraak tegen De Telegraaf dat jongeren bij hun ouders kunnen blijven wonen. Zij zei dit in de context van de woningschaarste die volgens het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) onder andere wordt veroorzaakt door migratie. Tijdens het vragenuur gaf ze aan zich aan de afspraak uit het regeerakkoord te houden dat de voorrang voor statushouders wordt afgeschaft, maar dat ze binnenkort eerst met een voorstel komt om te zorgen voor aanvullende huisvesting.
Tijdens het commissiedebat Klimaatbeleid gebouwde omgeving riepen diverse partijen (waaronder coalitiepartner VVD) haar op om excuses te maken aan de jongeren die op zoek zijn naar een huis. Boekholt-O'Sullivan lichtte toe dat zij in een brede context nuance wilde bieden, onder andere door erop te wijzen dat er ook veel daklozen zijn die helemaal geen plek hebben. Jongeren hebben dat in ieder geval nog wel.
Een aanvraag voor een debat over het EIB-rapport kreeg dinsdag bij de regeling van werkzaamheden geen steun.
Minister Boekholt-O'Sullivan hoopt via het Nationaal Expertisecentrum Woningbouw (NECW), diverse ambtelijke capaciteitspools en het opschalen van parallel plannen de uitvoering van woningbouwprojecten te versnellen. Dat valt te lezen in de voortgangsbrief over het Programma Uitvoeringskracht. Voor dit programma is tot 2029 156 miljoen beschikbaar.
Via het NECW, dat sinds de zomer operationeel is, wordt onder andere kennis aan gemeenten beschikbaar gesteld, gemeenten ondersteund en professionals getraind. "Door in te zetten op het vergroten van het gebruik van bestaande en nieuwe kennis via het Nationaal Expertisecentrum Woningbouw kan de vraag naar ambtelijke capaciteit verminderen en de kennis over plan- en besluitvorming over woningbouw en gebiedsontwikkeling bij gemeentelijke professionals vergroten", zo valt te lezen.
Daarnaast worden middelen gestoken in regionale, provinciale en landelijke capaciteitspools.
Om tijd te winnen via parallel plannen is een handreiking opgesteld die gemeenten en provincies moet helpen bij de inzet hiervan bij gebiedsontwikkeling. Ook is er een artikelenbundel opgesteld en wordt in de brief toegelicht hoe Rijk, provincies en NECW samenwerken bij het aanjagen van parallel plannen.
Het politiek nieuwsoverzicht werd mogelijk gemaakt door platform 1848.nl