G&B toets Aw

Op grond van artikel 25 lid 2 en artikel 30 lid 3 van de Woningwet is voorafgaand aan elke (her)benoeming van een bestuurder of commissaris bij een corporatie een zienswijze van de Autoriteit woningcorporaties (Aw) nodig op de geschiktheid en betrouwbaarheid van de kandidaat.

De geschiktheid- en betrouwbaarheidstoets is uitgewerkt in het Besluit Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting (BTIV), de Regeling Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting (RTIV) en in beleidsregels waarin de Aw inzicht geeft in de inrichting en wijze van de toetsing. 

Een benoeming zonder een positieve zienswijze is strijdig met het belang van de volkshuisvesting. Hetzelfde geldt voor een benoeming van een kandidaat aan wie de Aw een negatieve zienswijze heeft afgegeven. Dit is grond voor het treffen van maatregelen als bedoeld in de artikelen 61d, 61g of 61h van de Woningwet (aanwijzingen) en/of het opleggen van een last onder dwangsom of een bestuurlijke boete (artikel 105 Woningwet). 

Meer informatie is te vinden op de website van de Aw.


Veel gezocht