Digital Wellbeing@work - Rijn Vogelaar en Rita ZijlstraBoekrecensie door Joris ArtsDigitaal welzijn verdient een plek in de boardroom. Digitalisering is inmiddels net zo vanzelfsprekend geworden als elektriciteit. We videobellen, appen, vergaderen online, werken in talloze systemen en zijn vrijwel continu bereikbaar. En eerlijk is eerlijk: de mogelijkheden zijn eindeloos. Ook in de volkshuisvesting kunnen digitale middelen processen versnellen, dienstverlening verbeteren en medewerkers ondersteunen. Kansen en keerzijde van digitaliseringJuist daarom is het interessant dat Rijn Vogelaar en Rita Zijlstra in hun boek Digital Wellbeing @Work niet alleen de kansen van digitalisering bespreken, maar vooral ook de keerzijde ervan. Het boek draait om ‘digitaal welzijn’: de invloed van technologie op ons brein, onze concentratie, ons werkplezier en uiteindelijk zelfs op verzuim. De auteurs beschrijven hoe grenzen tussen werk en privé steeds verder vervagen. Een ping, melding of trillende smartphone activeert voortdurend ons alertheidssysteem. Daarbij gebruiken zij een model met drie hersennetwerken: het centraal executieve netwerk (CEN) voor focus en doelgericht werken, het default mode netwerk (DMN) voor rust, creativiteit en reflectie en het salience netwerk (SN). Balans tussen focus en rustDat laatste netwerk functioneert als het kantelpunt in een soort wipwap tussen focus en rust: het scant continu wat aandacht vraagt en schakelt ons brein steeds heen en weer. In een digitale omgeving vol meldingen staat die wipwap daardoor bijna continu onder spanning. Dat model vond ik één van de sterkere onderdelen van het boek. Zeker de metafoor van die wipwap werkt verhelderend. Het maakt begrijpelijk waarom medewerkers zich aan het eind van een dag schermwerk soms volledig leeg voelen zonder het idee dat ze echt iets gedaan hebben. Herhaling en open deurenHet boek heeft echter ook zwakkere kanten. De aanloop is lang en er zitten behoorlijk wat herhalingen in. Regelmatig worden open deuren opnieuw uitgelegd, zoals het verdwijnen van natuurlijke rustmomenten doordat eenvoudige routinetaken zijn weggeautomatiseerd. Ook het hoofdstuk over digitale detox voelt wat geforceerd en voegt naar mijn mening weinig toe aan de kern van het verhaal. Vier bepalende factorenDe echte waarde van het boek zit wat mij betreft in hoofdstuk 6. Daar introduceren de auteurs vier factoren die digitaal welzijn in een organisatie bepalen:
Interessante vragenDat hoofdstuk maakte het boek voor mij direct relevant voor commissarissen. Want eigenlijk zijn dit precies de vragen die je als raad van commissarissen zou moeten stellen: Hoe zorgen we dat medewerkers prettig met de digitale systemen kunnen werken? ConclusieDigital Wellbeing @Work is zeker niet perfect. Het had korter, scherper en praktischer gekund. Maar tegelijk raakt het wel een thema dat steeds relevanter wordt. We spreken als commissarissen veel over werkdruk, verzuim en duurzame inzetbaarheid. Dit boek laat zien dat digitaal welzijn daarin misschien wel een veel grotere rol speelt dan we tot nu toe beseffen en dat het daarmee nadrukkelijk thuishoort op de agenda van iedere rvc.
|